logo
wvhj2023
© Robert van 't Hoenderdaal | Dreamstime.com
© Robert van 't Hoenderdaal | Dreamstime.com
7 december 2022

Raad van State kritisch: doel warmtetransitie voor 2030 onvoldoende duidelijk

De Raad van State uit in een nieuw advies kritiek op het wetsvoorstel Gemeentelijke instrumenten warmtetransitie van minister Jetten voor Klimaat en Energie. Er zijn volgens de organisatie te veel onduidelijkheden.

Dat blijkt uit het advies van de Raad van State over het wetsvoorstel Gemeentelijke instrumenten warmtetransitie. De rijksoverheid startte eind vorig jaar de consultatie van het wetsvoorstel dat gemeenten de mogelijkheid biedt om te regelen welke wijken op termijn moeten overstappen op een duurzaam alternatief voor aardgas, om zo de uitstoot van CO2 te verminderen.

Warmteprogramma
Overstappen van aardgas naar een duurzaam alternatief kan alleen als er een nieuwe warmtebron beschikbaar is, zoals een warmtenet of een all-electric-variant. Gemeenten moeten daarom een warmteprogramma vaststellen waarin staat hoe en wanneer de gemeente van het gas afgaat en wat de toekomstige warmtevoorzieningen voor de gemeente worden. Dit warmteprogramma wordt vervolgens uitgewerkt in zogenoemde uitvoeringsplannen op wijkniveau.

De regering wil dat via deze wijkgerichte aanpak in 2030 de eerste 1,5 miljoen gebouwen zijn verduurzaamd. De Raad van State stelt in zijn advies dat onduidelijk is of dit betekent dat al die gebouwen in 2030 van het gas moeten zijn afgesloten, of dat duurzaamheidsmaatregelen zoals besparing op het gas of isolatiemaatregelen ook meetellen.

Afkoppeling van gas
Ook stelt het voorstel volgens de Raad van State niet helder of een gemeente uiteindelijk verplicht is om tot afkoppeling van het gas over te gaan, terwijl die afkoppeling volgens de toelichting bij het wetsvoorstel wel wordt beoogd. Het is volgens de Raad van State belangrijk dat het wetsvoorstel hierover duidelijk is, omdat het bepalend is voor de druk die op gemeenten komt te liggen. Ook bepaalt het wanneer provincies eventueel zouden moeten ingrijpen.

Consequenties gebouweigenaren
Een ander belangrijk onderdeel van het wetsvoorstel is de mogelijkheid voor gebouweigenaren om een andere warmtebron te kiezen dan de collectieve warmtevoorziening die de gemeente voor de betreffende wijk kiest.

De regering moet van de Raad van State verduidelijken wat de positie is van gebouweigenaren die al op een nieuwe warmtebron zijn overgaan voordat de gemeente met de wijkaanpak begon. De regering moet daarnaast ook aandacht besteden aan de vraag wat het afsluiten van aardgas concreet gaat betekenen voor de lasten voor burgers, bedrijven, instellingen en de rechtspraak.

Overgangsrecht transitievisie
Gemeenten die al een ‘Transitievisie warmte’ hebben opgesteld, kunnen deze volgens het wetsvoorstel gebruiken als warmteprogramma. Daarvoor moeten de transitievisies wel aan een aantal eisen voldoen. Zo moet er bijvoorbeeld een specifiek participatieproces zijn doorlopen en moeten milieueffecten op een bepaalde wijze zijn beoordeeld.

Mede gelet op de consultatiereacties lijkt het er volgens de Raad van State op dat veel bestaande transitievisies niet aan deze criteria voldoen. Dat betekent dat deze niet gebruikt kunnen worden en gemeenten alsnog een warmteprogramma moeten vaststellen. De vraag is of het overgangsrecht dan wel werkt zoals beoogd. De Raad van State adviseert daarom het overgangsrecht van een betere onderbouwing te voorzien en de vormgeving ervan zo nodig te heroverwegen.

Deel dit artikel:

Nieuwsbrief

Meld u aan voor de nieuwsbrief met het laatste nieuws!
Ja, ik wil de nieuwsbrief ontvangen en heb de privacy policy gelezen.

Laatste Nieuws

Bekijk al het nieuws

Meest gelezen

Producten